 |
|
|
 |
 |
 |
 |
|
Burkina Faso
Burkina beats and pieces [08 January 2004 - michele]
Omdat het ons begon te dagen dat het in Burkina toch niks ging worden met die olifanten en omdat we van al dat wild kamperen weer een overdosis frisse lucht hadden opgelopen, vonden we dat het langzaam tijd werd om nog eens wat cultuur en smog te gaan opsnuiven. En wel in Ouagadougou, hoofdstad van beautiful Burkina Faso.
Hoewel Ouaga van stoffigheid niet moet onderdoen voor pakweg Bamako, lijkt er toch een verfijndere atmosfeer te hangen. De gebouwen zijn beter onderhouden, de straten zijn breder en hebben tot de verbeelding sprekende namen die verwijzen naar het rijke Mossi-verleden van de stad. Van dat verleden hebben we een glimp kunnen opvangen toen we op een vrijdagochtend (en wel om 7u15) de Nabayius Gou - ceremonie of 'Le faux départ de l'empereur pour la guerre'zijn gaan bijwonen.
Moro-Naba is de officiële naam van wat wij gewoon de Mossi-koning zouden noemen maar deze man is wel de machtigste traditionele chef van heel Burkina. Naar verluidt is zijn invloed zelfs van die aard dat de Burkinese regering hem om advies vraagt voor ze een belangrijke beslissing neemt. In ieder geval, iedere vrijdagochtend speelt zich voor zijn paleis hetzelfde ritueel af: de lokale chefs du quartier komen één voor één en in traditionele kledij aangetufd op hun scooter. Als iedereen is gearriveerd, komt de koning naar buiten, gekleed in een rood gewaad. Hij inspecteert zijn paard dat, volledig opgetuigd, klaar staat om naar de oorlog te trekken. Het verhaal wil immers dat een rivaliserende koning een belangrijke fetisj gestolen heeft van de Moro-Naba die deze laatste nu met geweld wil gaan terug halen. De chefs groeten hem, betuigen hun respect door op de grond te gaan zitten en proberen hem met allerlei vage gebaren duidelijk te maken dat ze eigenlijk niet willen dat hij ten oorlog trekt. Er weerklinkt een kanonschot, de koning gaat terug naar binnen en zijn paard zet het op een lopen. Even later verschijnt de vorst opnieuw, ditmaal in een wit tenue - om duidelijk te maken dat hij gezwicht is voor de argumenten van zijn chefs en niet ten strijde zal trekken. Hetgeen trouwens ook moeilijk zou gaan want zoals gezegd: zijn paard is ervan door. Er weerklinkt opnieuw een kanonschot, iedereen haalt opgelucht adem, de Moro-Naba verdwijnt weer in zijn paleis en de chefs tuffen terug naar hun quartier. Dit alles duurt ongeveer een kwartiertje en wordt vrijdag na vrijdag, jaar in, jaar uit herhaald. Veel mensen stoppen op hun weg naar het werk of de school even om het hele gebeuren te bekijken. Alsof ze zich ervan willen vergewissen dat de koning na al die jaren toch niet eens een keertje zou beslissen om tòch te gaan vechten..
Verder hebben we in Ouaga ook weer héél fijne muziek gehoord. We hebben een aantal dagen opgetrokken met de leden van de groep Nayac die met hun traditionele en erg intense percussie proberen het Burkinese muzikale erfgoed te bewaren voor de komende generaties. De repetities die we bijwoonden in hun compound waren erg indrukwekkend en als alles goed gaat zouden jullie een idee moeten krijgen van onze ervaringen aan de hand van een aantal foto's en de filmpjes die we hebben gedraaid. Check de picture-page.
Ook 's avonds ontnap je niet aan de muzikale kriebel die hier heerst. Zoëven loop je nog op de stoep, dan struikel je over een paar rijen stoelen, kijk je naar links en zie je op een geïmproviseerd podium (nog niet eens eigenlijk, je kijkt gewoon recht een keuken in) een bandje het beste van zichzelf geven. Af en toe staat er iemand op uit het publiek en zingt of speelt een stukje mee. Gedanst wordt er op het trotoir. Niks toegangsticket, niks overdreven belichting of technische snufjes maar gewoon mensen en muziek. En als je er genoeg van hebt wandel je gewoon verder..
Omdat onze honger naar cultuur nog steeds niet was gestild zijn we dan ook nog de Site Granite van Laongo gaan bezoeken. De brousse ligt hier bezaaid met rotsblokken van alle formaten waarop een schare kunstenaars - zowel Afrikaans als Europees en Amerikaans -zijn creatieve geest, in de vorm van sculpturen, heeft los gelaten. Het resultaat is in deze omgeving op zijn minst indrukwekkend: monsterlijke taferelen worden afgewisseld met naakte vrouwen en krokodillen die in slangen veranderen. Voldaan van al dat schoons zijn we dan nog een paar daagjes de bush in gedoken en we waren weer klaar voor een volgend land. On to Ghana!
(
)
Eén olifant, aub. [09 December 2003 - tim]
"Een olifant!", zei ik toen Michèle me een paar dagen geleden vroeg wat ik voor mijn verjaardag wilde hebben. "Oké", zei ze en wij dus op zoek naar olifanten.
Boromo is volgens onze reisgids de plaats in Burkina Faso waar we moeten zijn om olifanten te zien. Er schijnt een Nationaal Parkje te liggen waar die beesten tijdens het droogseizoen vertoeven. Dat zei onze reisgids althans. Op de Michelinkaart was van dat Nationaal Park niets te vinden. In Boromo moesten we op zoek naar Campement La Kaicedra, daar zouden er gidsen zijn die samen met ons op zoek konden naar die grootste beesten van het dierenrijk. La Kaicedra lag inderdaad ver van de bewoonde wereld in een savanneachtige wildernis. Hier moeten we ze vinden! De mannen van het campement, een Frans homokoppel op jaren, wisten ons te vertellen dat er wel een Nationaal Park is maar dat de olifanten dààr niet zitten maar aan de overkant van de Mouhoun rivier. Die rivier liep zowaar vlak naast het campement. Ze beweerden ook dat ze vorige nacht geluiden hadden gehoord van olifanten die kwamen drinken iets verderop. Dat belooft, dacht ik. Ik werd 's anderendaags namelijk 27 jaar.
Tegen dat de avond viel werd het ons langzaam duidelijk dat ze een gegidste toer de volgende dag toch niet zo zagen zitten. In een onverstaanbaar Frans was het eerst dat ik het eens aan HEM daar moest gaan vragen, hij regelde die dingen, eens bij HEM aangekomen zei HEM dat ik eens bij nog een andere HEM moest gaan babbelen, dan zei HEM dat hun vaste gids er niet was, daarna zei HEM dat het wel kon met een gids van Boromo, maar dat er geen vervoer was, "maar we hebben zelf een quatrequatre man!" zei ik dan, maar dan zij opnieuw dat de kans op een olifant te spotten vrij klein is wegens de dichte begroeiing en het overtollige water, enzoverder… 'Shit man, hier zitten begod geen olifanten' dachten we, 'de klootzakken gdvrdmme!' Na het walgelijke avondmaal verorberd en 'Het Grote Wereldreispel' gespeeld te hebben zijn we dan maar in ons bed gekropen. De maan was bijna vol, de krekeltjes tjirpte voltallig en plots was daar een enorm geluid. Grote takken braken, er was geblaas en gegrom. Ja, daar was een olifant aan de overkant van de rivier! Spijtig genoeg konden we 'the goddamn animal' niet zien, de begroeiing was inderdaad te dicht. Maar o, wat was het fijn om met de geluiden van zo'n wild beest in slaap te vallen. Tijdens die nacht zijn we nog een paar keer wakker geworden want dat ene beest had blijkbaar zijn vriendjes uitgenodigd en ze hielden zowaar een bladerfestijn. Een olifantenbladerfestijn doorheen de nacht.
De volgende ochtend vroeg uit de veren en de beslissing genomen dat we er dan maar zelf op uit zouden trekken. Want er zaten wel degelijk olifanten in het gebied en zoals ik al zei, ik werd die dag 27 jaar. Op zoek dus naar een brug over de rivier. Die was na zo'n tien kilometer rijden snel gevonden. Yes, de wildernis in.
Hoe zoek je een olifant? Tja, dat wisten we niet. We zoeken naar sporen van zo'n beest. Pootsporen, drollen, kapotte takken, drinkplaatsen aan de rivier,… Die drolsporen waren natuurlijk het meest interessant. Van een olifantenkakka valt er namelijk veel af te leiden. Is hij droog of is hij nat? Is hij warm of is hij koud? In welke richting liggen opeenvolgende drollen? Ging hij dan naar links of naar rechts? Enz… Het duurde zo'n twee uur vooraleer we de eerste drollen hadden gevonden. Eindelijk, een spoor! Die drollen waren wel oud dus daar konden we niet zo veel mee. Een tijdje later vonden we een prachtige opeenstapeling van natte, warme en vers welriekende olifantenkakka. Onze harten begonnen al sneller te kloppen. Die kon niet ver weg zijn. Maar wat nu? Het spoor leidde recht de brousse in. Daar konden wij met de bak niet door. En te voet achter zo'n beest aangaan durfden we ook niet. (ik had net ervoor in het campement nog een foto gezien van die Franse gast rennend voor zijn leven achternagezeten door een gi-gan-ti-sche olifant.) Wachten, dat was het. Ons ergens verdoken opstellen en wachten tot die beesten terugkeren. Zo gezegd zo gedaan. Onze bak diende als uitkijkpost. De stoeltjes op het dak en kijken, zoeken, priemen in de verte en natuurlijk zwijgen, stil zijn, niet verroeren. En geen scheten laten, want daar zijn ze naar het schijnt gevoelig voor.
Na een half uur, een uur, anderhalf uur, twee uur, niets. Geen geluid, geen beweging. Enkel de stront iets verderop. Dit was natuurlijk niet de bedoeling. Daarvoor waren we niet gekomen. Die beesten zijn toch niet zo klein? Die kunnen zich toch niet zomaar verstoppen als een kat in het gras of een vogel in een boom? Miljaar, dan maar verder zoeken. De rivier, daar gaan die beesten drinken, daar gaan we zoeken. Maar om aan de rivier te geraken moesten we ook doorheen struiken, takken, distels en doornen. Op zo'n 50 meter geraakten we niet meer verder en besliste we dan toch maar om te voet een kijkje te gaan nemen met de auto als buffer in de rug. Spannend, kijkend en luisterend op naar de oever. En ja, daar waren sporen. Grote pootafdrukken van olifanten die daar, nog niet zo lang geleden zijn komen drinken. Oké, we hebben een olifantenpad met kak en al dat leidt naar hun drinkplaats, de rivier, als we ons hier opstellen kan er niets meer misgaan. Zo gezegd zo gedaan. Maar het was al beginnen schemeren en er moest nog een hele verjaardagsmaaltijd klaargemaakt worden! Dus stelden we ons kamp op niet ver van het pad, niet ver van de rivier en ietsje hogerop opdat we een goed overzicht konden bewaren. Na het enorme verjaardagsgerecht vanop het dak verorberd te hebben werd het vlug donker. De maan zette zich, om mij te plezieren, krap om héél hard in vol ornaat te kunnen schijnen opdat we de olifanten zelfs 's nachts gade konden slaan. Maar niets was minderwaar. We hebben daar opnieuw liggen turen in de verte, onze ogen begonnen ervan de pikken. Onze konten te jeuken van het zitten. En alles wat voorbij kwam was een konijn. Een stom rennend konijn.
Maar ja, bedtime it was, again. De verjaardag was bijna voorbij en zonder verrassing is dat niet zo fijn. Het enige waarop we nog konden hopen was de nacht. Zoals de vorige maar dan in het zicht van onze jagerhut. En die nacht was bedroevig snel voorbij. Eén keer hebben we een verdacht geluid gehoord, een soort geblaas. Was het een olifant? Dat weten we niet, we konden hem niet zien. De volgende ochtend lag er op 30 meter van onze bak een enorme verse drol. Had het een met het andere te maken? En zijn wij getuige geweest van een enorme Olifantenscheet? Wie zal het zeggen? Wij weten het niet.
We hebben kortom geen olifant gezien.
(
)
|
|
| vertrek...14/09/03 |
| website online!...19/09/03 |
| Overzet Spanje - Marokko...29/09/03 |
| intro Mauretanië ...14/10/03 |
| Senegal !!...20/10/03 |
| The Gambia...03/11/03 |
| back to Senegal.....17/11/03 |
| and on to Mali...19/11/03 |
| crossing Burkina border...30/11/03 |
| into the Ghanaian madness...14/12/03 |
| racing through Togo...03/01/04 |
| Benin!...04/01/04 |
| aankomst Niamey...26/01/04 |
| Chad !...23/02/04 |
| Cameroon Cross...27/02/04 |
| exit Cameroon - enter Nigeria...24/03/04 |
| back on Nigerien soil...26/03/04 |
| back to Burkina...03/05/04 |
| inside Mali again...05/05/04 |
| Crossing Mauritania...13/05/04 |
| re-enter Morroco...17/05/04 |
| exit Africa - back to Europe...03/06/04 |
| BACK HOME, BASTA!...26/06/04 |

|
|
|
 |